De cheetah
De cheetah behoort tot de katachtigen. Het Hindoestaanse woord “Chita”, waar cheetah van is afgeleid, betekent “de gevlekte”. Behalve de buik, is namelijk de hele vacht overdekt met vlekken. Het meest opvallende aan een cheetah zijn de zwarte lijnen uit de ooghoeken langs de neus, de zogenaamde “traanogen”. Dit is ook een van de grootste verschillen met een luipaard.
Alles in het lichaam van de cheetah is gebouwd voor snelheid. Zijn lichaam is slank en soepel, waardoor hij zeer wendbaar is. Door zijn flexibele ruggengraat en zijn lange benen maakt hij op topsnelheid passen van 7 tot 8 meter. Doordat een cheetah geen intrekbare nagels heeft, heeft hij een goede grip op de grond in bochten en bij hoge snelheden.
![]() |
![]() |
Zijn topsnelheid van wel 120 km/uur kan hij echter maar kort volhouden, anders raakt hij oververhit. Hij moet dus snel reageren en zijn prooi vangen.
De cheetah wordt op de IUCN-Red List aangemerkt als Vulnerable (kwetsbaar) en Endangered (bedreigd). Dit wil zeggen dat ze met uitsterven worden bedreigd als we niets doen.
LEEFGEBIED
De cheetah komt voornamelijk voor op open savanneland waar hij een goed uitzicht heeft over de vlaktes. Er zijn vijf ondersoorten van de cheetah, die in verschillende gebieden in Afrika en Azië leven. Vier ondersoorten leven in Afrika, oorspronkelijk wijdverspreid over het hele continent, maar nu voornamelijk in het oosten en zuiden. In Azië hadden ze vroeger ook een groot verspreidingsgebied, maar dit is nu beperkt tot kleine gebieden, waar ze nog maar in zeer kleine aantallen voorkomen.

BEDREIGINGEN
Er zijn nu nog maar minder dan 12.500 cheetahs in de vrije natuur van Afrika en Azië. De meerderheid leeft in kleine, geïsoleerde groepjes buiten de beschermde natuurparken. Hierdoor ontstaan er vaak conflicten tussen de cheetah en de locale bevolking met hun vee. Ook wordt door de oprukkende landbouw hun leefgebied steeds kleiner en worden ze bejaagd.
Verlies en versnippering van het leefgebied
Nomaden blijven steeds vaker met hun vee op vaste standplaatsen staan. Hierdoor wordt het leefgebied van de cheetah steeds kleiner terwijl hij juist heel veel ruime nodig heeft. Deze ruimte heeft de cheetah nodig om onder andere eten te zoeken en een partner te vinden, maar het belangrijke is om hun jongen te beschermen tegen andere roofdieren. Afname van het leefgebied van de cheetah dwingt de cheetah om op een klein gebied samen te leven met andere roofdieren. Hierdoor wordt de concurrentie steeds groter en neemt het aantal prooidieren af. Omdat de cheetah van nature niet agressief is, wordt zijn prooi vaak afgenomen door grotere roofdieren.
Ook het terugdringen van de cheetahs uit de savannes naar bosrijkere gebieden zorgt ervoor dat de cheetah minder makkelijk aan zijn prooi kan komen. Het aanwezige struikgewas zorgt er namelijk voor dat de cheetah geen snelheid meer kan maken, en dat daardoor een prooi vangen moeilijk wordt. Naast het feit dat het jagen moeilijker wordt, raakt een cheetah ook eerder gewond. Dit komt doordat het struikgewas vaak ook stekels heeft.

Vervolging door veeboeren en illegale jacht
Grote roofdieren, waaronder ook de cheetah, worden er vaak van verdacht vee te doden. Hoewel dit lang niet altijd terecht is, worden cheetahs vaak wel uit voorzorg door de boeren afgeschoten of vergiftigd. Daarnaast worden ze, zoals veel wilde dieren in Afrika, ook gestroopt. Voor zijn vacht wordt veel geld gegeven, maar ook bijvoorbeeld de hoektanden zijn gewild.
Verlies aan genetische variëteit
Er zijn nog maar weinig cheetahs in het wild, die ook nog eens geïsoleerd van elkaar leven. Daarom is de genetische variëteit van deze soort minimaal. Genetische variëteit is van belang om inteelt te voorkomen. Daarnaast zorgt het er ook voor dat een soort in wisselende omstandigheden zich kan aanpassen en overleven. Hoe kleiner de genetische variëteit, hoe moeilijker een soort zich kan aanpassen en hoe kleiner de kans op overleven.
FOKPROGRAMMA'S
In dierentuinen over de hele wereld probeert men met de cheetah te fokken. Om dit op een verantwoorde wijze te doen, zodat de genetische variëteit zoveel mogelijk behouden blijft, is hiervoor een internationaal stamboek opgezet. Er wordt naar gestreefd om alle in gevangenschap levende dieren hierin op te nemen, zodat advies kan worden gegeven over de fok met deze dieren. Deze dieren kunnen indirect weer bijdragen aan de instandhouding van de cheetah in het wild.







